Kunstenaars van de collectie
Ľudovít Fulla
1902 Ružomberok–1980 Bratislava
Een schilder van stralende kleuren die uit de Slowaakse folklore en de iconen een eigen modernisme smeedde. Na een jaar aan de privéschool van Gustáv Mallý in Bratislava studeerde hij aan de Praagse Kunstnijverheidsschool bij Arnošt Hofbauer en František Kysela (1922 – 1927); daar raakte hij bevriend met Mikuláš Galanda, met wie hij in 1930 – 1932 de Privébrieven van Fulla en Galanda uitgaf — het eerste manifest van de moderne Slowaakse schilderkunst. Vanaf 1928 doceerde hij aan de School voor Kunstnijverheid in Bratislava; na de oorlog leidde hij de afdeling monumentaal-decoratieve schilderkunst van de Hogeschool voor Beeldende Kunsten.
Voor het schilderij Lied en arbeid ontving hij de Grand Prix op de Wereldtentoonstelling in Parijs (1937), en het ernaar geweven wandtapijt een gouden medaille op Expo 1958 in Brussel; in 1963 werd hij Nationaal Kunstenaar. Hij illustreerde de sprookjes van Pavol Dobšinský en zijn wandtapijten behoren tot de grondleggende werken van die kunst in Slowakije. In 1969 bouwde de staat voor hem in zijn geboortestad Ružomberok de Ľudovít Fulla-galerie — tegenwoordig onderdeel van de Slowaakse Nationale Galerie —, waar hij tien jaar woonde en werkte en waar zijn werk permanent te zien is.
Werken van deze kunstenaar hebben wij momenteel niet in ons aanbod.